Hoe Israël van socialistisch voorbeeld veranderde in mikpunt van protest.

Cinematische collage over de geschiedenis van Israël met historische documenten, kaarten, Jeruzalem, Tel Aviv, protestbewegingen, geopolitieke symbolen en een interview met Ken van Ierlant en Ad Verbrugge.

Nog geen halve eeuw geleden werd Israël door grote delen van Europees links bewonderd als een socialistisch experiment. Vandaag lopen op dezelfde universiteiten demonstranten rond die spreken over kolonialisme, raciale onderdrukking en vergelijkingen met de Holocaust, terwijl jongerenorganisaties openlijk het opheffen van de staat eisen. Wat is er gebeurd?

Die vraag drijft in het YouTube-verslag van De Nieuwe Wereld, gepresenteerd door Ad Verbrugge. Op 27 augustus 2026 ging hij in gesprek met dataondernemer en voormalig IDF- en Mossad-medewerker Ken van Ierlant.

Het gesprek zoekt de omslag niet primair bij Gaza of 7 oktober. In zijn lezing ligt de kanteling in een veel langere ontwikkeling: eeuwenoud antisemitisme, religieuze strijd in het Midden-Oosten, het succes van Israël zelf en de vermenging van postkoloniale kritiek met links activisme.

Van socialistisch ideaal naar controversiële staat.

Na de Tweede Wereldoorlog zochten Nederlandse Joden bescherming bij de sociaaldemocratie. De PvdA telde mensen van Joodse achtergrond die de stichting van Israël een warm hart toedroegen. Die wereld is verdwenen.

Prominente namen verdwenen van het politieke toneel: de Fonteins, de Cohens, Polak, Aser en Walach. Oud-PvdA’ers herkennen zich volgens Van Ierlant niet meer in het huidige discours.

De breuk is des te scherper omdat het zionisme zelf, stelt hij, een seculiere emancipatiebeweging op socialistische grondslag was. Kibboetsim vormden de hoeksteen van de nieuwe samenleving. Pas in 1977, met de komst van Menachem Begin, sloeg Israël volgens hem de weg van de markteconomie in.

Van underdog naar topdog.

Zolang de staat underdog bleef, hield de politieke steun stand. Onder Den Uyl, na de Jom Kipoeroorlog*, verdedigde Nederland samen met Amerika als enige de Israëlische positie. Het land kreeg geen olie meer. Wim Kan maakte er cabaret van.

*De Arabische olieboycot tegen Nederland na de Jom Kipoeroorlog van 1973 leidde tot de oliecrisis en de bekende autoloze zondagen onder premier Den Uyl. Tevens dekt deze nuance dat minister Vredeling destijds buiten het kabinet om in het geheim wapens aan Israël leverde.

Toen kantelde het beeld. Israël werd geen slachtoffer meer dat bescherming nodig had, maar een rijke hightechstaat die wint. Van underdog naar topdog. In die verschuiving verdampte, zegt Van Ierlant, een groot deel van de morele kredietwaardigheid die de staat decennialang bij links had gehad.

Succes, afgunst en een kleine prominente gemeenschap.

Die jaloezie is volgens Van Ierlant ouder dan de vlag. Voor de oorlog bestond in Nederland al virulent antisemitisme. Een Jood kon geen lid worden van de grote industriële club in Amsterdam. De samenleving was verkokerd: katholiek, protestant en links.

De gemeenschap was klein, maar opvallend zichtbaar. In Duitsland ging het volgens hem om ongeveer een half procent van de bevolking. In Nederland gold hetzelfde patroon bij advocaten, artsen en retailers.

Tegelijk woonde een grote arme groep in de Jodenbreestraat. Een smalle succesvolle bovenlaag plus een kwetsbare massa: precies de combinatie die afgunst voedt. Eerst de adviseur, dan de zondebok. Volgens Van Ierlant is dat een patroon dat zich door de eeuwen heen blijft herhalen.

De eeuwenoude wortels.

Volgens Van Ierlant steunt de haat tegen Joden niet alleen op het nieuwtestamentische verhaal. In Europa was het jodendom eeuwenlang de kleine religieuze concurrent van de katholieke kerk. Daaruit ontstonden verschillende religieuze en politieke spanningen die volgens hem doorwerkten in latere vormen van antisemitisme.

Na de verwoesting van de tempel in 70 na Christus volgde de diaspora. Het volk werd verspreid, maar Joodse gemeenschappen bleven bestaan en ontwikkelden grensoverschrijdende handels- en kennisnetwerken.

Via Antwerpen en Amsterdam droegen verdreven Joden volgens hem bij aan de economische infrastructuur van de Gouden Eeuw. Spinoza vestigde zich in Nederland.

Met de kruistochten volgden de eerste grote pogroms. Tijdens epidemieën en maatschappelijke crises werden Joden regelmatig als zondebok aangewezen.

Geen pogroms, tot de staat in zicht kwam.

In de Arabische wereld leefden Joden volgens Van Ierlant als dhimmis: tweederangsburgers, maar zonder de pogromcultuur die Europa kende*. De situatie veranderde volgens hem in de eerste helft van de twintigste eeuw.

*Dit verwijst naar het historische islamitische beschermingssysteem waarin joden en christenen een lagere juridische status hadden en extra belasting betaalden, maar wel relatieve fysieke veiligheid en religieuze vrijheid genoten, waardoor de grootschalige, systematische vervolgingen en pogroms (gewelddadige en dodelijke aanvallen op minderheden) uit het Christelijke Europa daar eeuwenlang ontbraken.

De Farhud in Irak, de rol van de grootmoefti* van Jeruzalem en de spanningen rond het Britse mandaat markeren volgens hem het begin van een nieuwe fase. Naarmate Israël succesvoller werd, verhardde het religieus geïnspireerde antisemitisme. Tel Aviv staat in zijn analyse symbool voor een moderne, welvarende samenleving in een regio die vaak wordt gekenmerkt door politieke instabiliteit en religieuze spanningen.

*Dit verwijst naar de Farhud van 1941, een gewelddadige en dodelijke pogrom tegen de Joodse bevolking in Bagdad, die sterk werd aangewakkerd door de pro-nazi-propaganda van de Palestijnse grootmoefti Amin al-Husseini, die destijds in Irak verbleef en collaboreerde met nazi-Duitsland om antisemitisme in de Arabische wereld te verspreiden.

Hoe het land een naam en een mandaat kreeg.

*Vanaf 1880 vestigden zich volgens Van Ierlant tienduizenden Joden in het gebied.Via figuren als Chaim Weizmann en Theodor Herzl werd in Londen gelobbyd voor een Joods nationaal tehuis. De Balfour-verklaring en later het mandaat van de Volkenbond vormden belangrijke bouwstenen voor de latere staat Israël.

*Dit verwijst naar het vroege zionisme, de politieke beweging die streefde naar een Joods thuisland in Palestina (toen onderdeel van het Ottomaanse Rijk), wat leidde tot de Britse Balfour-verklaring van 1917 en het latere Volkenbondmandaat waarmee Groot-Brittannië officieel de opdracht kreeg om de oprichting van dit Joodse nationale tehuis te faciliteren.

Volgens Van Ierlant werd tegelijkertijd het fundament gelegd voor het Palestijnse nationale narratief dat later zou uitgroeien tot een dominante politieke kracht.

Waterbed in de Arabische wereld.

Israël is geen underdog meer. Volgens Van Ierlant behoort het land economisch tot de meest succesvolle staten van de regio. De Abraham-akkoorden leken een nieuwe fase van samenwerking mogelijk te maken, maar de gebeurtenissen van 7 oktober veranderden die dynamiek ingrijpend.

Hij beschrijft daarnaast een bredere geopolitieke herschikking waarin Iran, Turkije, Saoedi-Arabië, Pakistan en India allemaal hun positie proberen te versterken.

De omslag binnen links.

Volgens Van Ierlant is de meest opvallende ontwikkeling niet militair of economisch, maar cultureel. Hij spreekt van een verweving tussen postkoloniaal denken, anti-imperialisme en islamitisch activisme. Daardoor zou de discussie volgens hem steeds minder gaan over concreet beleid en steeds vaker over het bestaansrecht van Israël zelf.

Tegelijk benadrukt hij dat kritiek op Israël mogelijk moet blijven. De vraag ontstaat volgens hem pas wanneer het debat verschuift van kritiek op een regering naar ontkenning van het bestaansrecht van de staat.

De enige bescherming.

Dit is volgens Van Ierlant geen eindpunt, maar een tijdsgewricht. De staat Israël blijft in zijn analyse de ultieme bescherming voor Joden wereldwijd. Maar uiteindelijk gaat het debat volgens hem over iets dat groter is dan Israël alleen. Misschien is dat de echte vraag.

Niet wat men van Israël vindt, maar wat er met een samenleving gebeurt wanneer zij opnieuw behoefte krijgt aan een zondebok. Want de geschiedenis leert dat zulke processen zelden beginnen met geweld.

Ze beginnen met woorden. Met verhalen. Met het idee dat één groep verantwoordelijk is voor alles wat misgaat. En precies daar, stelt Van Ierlant, ligt de reden waarom het debat over Israël veel groter is dan Israël zelf.■

Cinematische collage over de geschiedenis van Israël met historische documenten, kaarten, Jeruzalem, Tel Aviv, protestbewegingen, geopolitieke symbolen en een interview met Ken van Ierlant en Ad Verbrugge.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *