De ecologische indiaan: De mythe die archeologen niet terugvonden.

Cinematische illustratie van de mythe van de ecologische Indiaan met bizonkuddes, Buffalo Jump, Indiaanse nederzettingen, irrigatiekanalen, archeologische ruïnes, pelshandel, Europese kolonisten en het boek The Ecological Indian van Shepard Krech III, gebaseerd op de analyse van Rypke Zeilmaker.

Eeuwenlang leefde hij voort in boeken, films, toespraken en milieucampagnes. De Indiaan als beschermer van de natuur. De mens die alleen nam wat nodig was. De wijze bewoner van een continent dat nog onaangetast zou zijn geweest toen de eerste Europeanen aan de horizon verschenen.
Het beeld is zo vaak herhaald dat het voor velen een historische waarheid werd. Maar wat als het nooit meer was dan een verhaal?

Die vraag vormde het vertrekpunt van antropoloog Shepard Krech III toen hij zich verdiepte in de historische en archeologische gegevens achter het beeld van de zogenoemde ecologische Indiaan. Zijn bevindingen, gepubliceerd in The Ecological Indian: Myth and History, zouden een van de hardnekkigste overtuigingen van de moderne milieubeweging onder druk zetten.

Het romantische beeld ontstond niet in de wereld van archeologen, maar in de wereld van idealen. Sinds de tijd van Rousseau leefde in Europa het verlangen naar de ‘edele wilde’: de mens die nog niet was aangetast door beschaving, industrie en materialisme. Toen Europese kolonisten Noord-Amerika bereikten en uitgestrekte bossen, rivieren en wildrijke vlaktes aantroffen, leek die droom werkelijkheid te zijn geworden.

De conclusie lag voor de hand: als het landschap er zo ongerept uitzag, moesten de oorspronkelijke bewoners er wel in perfecte harmonie mee hebben geleefd.

Maar onder de grond lag een ander verhaal verborgen.

Archeologen ontdekten resten van samenlevingen die complete landschappen hadden aangepast aan hun behoeften. Niet anders dan beschavingen elders in de wereld. Een van de meest opvallende voorbeelden werd gevonden in het huidige Arizona. Daar bouwde de Hohokam-cultuur duizenden kilometers irrigatiekanalen om water uit rivieren naar landbouwgebieden te leiden. Eeuwenlang functioneerde het systeem.

Tot het niet meer werkte.

Door langdurige irrigatie raakte de bodem verzilt. De landbouwproductie nam af. Nederzettingen werden verlaten. Toen Spaanse ontdekkingsreizigers arriveerden, vonden zij geen bloeiende beschaving meer, maar ruïnes van een samenleving die zichzelf had overvraagd.

Het was een ontdekking die een ongemakkelijke vraag opriep. Als zelfs deze samenlevingen hun leefomgeving konden uitputten, hoe uitzonderlijk was hun vermeende ecologische wijsheid dan werkelijk? Het antwoord werd nog confronterender op plekken waar archeologen duizenden dierenbotten blootlegden.

Op een locatie die tegenwoordig bekendstaat als Head-Smashed-In Buffalo Jump ontvouwt zich een tafereel dat haaks staat op het romantische beeld van de natuurminnende Indiaan. Generaties lang dreven jagers enorme kuddes bizons richting steile afgronden. In paniek stortten honderden, soms duizenden dieren tegelijk naar beneden. Uit archeologisch onderzoek blijkt dat dergelijke massajachten geen uitzondering waren, maar een terugkerend onderdeel van het bestaan.

De vraag was niet of er werd gejaagd. De vraag was hoeveel. En hoeveel daarvan daadwerkelijk werd gebruikt.

Volgens Krech tonen historische bronnen aan dat grote hoeveelheden vlees achterbleven terwijl slechts specifieke delen van de dieren werden meegenomen. Het idee dat oorspronkelijke bewoners automatisch zuiniger of duurzamer met natuurlijke hulpbronnen omgingen dan andere volken, blijkt daardoor moeilijk vol te houden.

Toch zou het onjuist zijn om het verhaal om te draaien en van de oorspronkelijke bewoners de hoofdschuldigen te maken van de ecologische veranderingen die volgden.

Want toen de Europeanen arriveerden veranderde de schaal van alles.

Niet het geweer, niet de handel, maar ziekte bracht de grootste ontwrichting. Terwijl de bonthandel groeide, werden miljoenen oorspronkelijke bewoners getroffen door epidemieën die hele samenlevingen veranderden.

Handel ontstond. Huiden kregen economische waarde. Vuurwapens deden hun intrede. De vraag naar pelzen en buffelhuiden groeide explosief. Zowel Europese handelaren als Indiaanse stammen namen actief deel aan dat systeem. Wat volgde was geen strijd tussen natuurvriendelijke Indianen en hebzuchtige kolonisten, maar een veel complexere werkelijkheid waarin economische belangen steeds zwaarder gingen wegen.

En toen kwam de grootste klap nog; Niet door geweren. Niet door handel. Maar door ziekte.

Pokken, mazelen en andere Europese ziekten verspreidden zich over het Amerikaanse continent en doodden miljoenen mensen. Complete gemeenschappen verdwenen. Gebieden die ooit bewoond en bewerkt waren, werden verlaten. Bossen namen voormalige landbouwgrond terug. Landschappen kregen opnieuw een wild karakter.

Latere generaties Europeanen zagen die leegte en trokken een conclusie die achteraf misschien begrijpelijk was. Ze dachten dat de mens er nauwelijks was geweest. Maar de archeologie vertelt iets anders. Onder bossen liggen oude akkers. Onder zand liggen irrigatiekanalen. Onder graslanden liggen de resten van verdwenen samenlevingen.

Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste conclusie van Krech. Niet dat de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika slechter waren dan vaak wordt beweerd. En ook niet dat zij beter waren.

Alleen dat zij mensen waren. Mensen die bouwden. Mensen die handelden. Mensen die jaagden. Mensen die fouten maakten. Precies zoals iedere beschaving vóór hen. En misschien is dat precies waarom de mythe van de ecologische Indiaan zo aantrekkelijk bleef. Niet omdat zij iets vertelde over de Indianen zelf, maar omdat zij een verhaal vertelde dat veel mensen graag wilden geloven.

De archeologen vonden geen verloren paradijs. Ze vonden iets veel menselijkers. Geschiedenis.■ Bron: Café Weltschmerz Podcast

Cinematische illustratie van de mythe van de ecologische Indiaan met bizonkuddes, Buffalo Jump, Indiaanse nederzettingen, irrigatiekanalen, archeologische ruïnes, pelshandel, Europese kolonisten en het boek The Ecological Indian van Shepard Krech III, gebaseerd op de analyse van Rypke Zeilmaker.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *