Propaganda, publieke opinie en oorlog: Rypke Zeilmaker over Bernays en de mechaniek van massabeïnvloeding.

Cartoonachtige illustratie van Rypke Zeilmaker in legerkleding met het boek “Propaganda” van Edward Bernays, geflankeerd door symbolen van oorlog, media, geldstromen en Zelensky sprekend voor een parlement met Oekraïense vlaggen.

Het is zeldzaam dat een boekbespreking begint als een oorlogsverklaring, maar zodra Rypke Zeilmaker in de uitzending van Café Weltschmerz met presentator Rypke Zeilstra plaatsneemt en zijn eerste woorden in een quasi-Oekraïens accent uitspreekt, ontstaat onmiddellijk een theatrale spanning die doorloopt tot het einde. Wat volgt is geen collegeserie, geen opiniestuk en geen standpuntbetoog, het is een monoloog over propaganda, oorlog, massapsychologie en groepsidentiteit, volledig toegeschreven aan Zeilmaker zelf. De kijker wordt simultaan vermaakt, geprikkeld en uitgedaagd, en bovenal geplaatst in een observatie van hoe publieke opinie wordt gevormd.

De uitzending, waarin Zeilmaker het boek Propaganda (1928) van Edward Bernays bespreekt, dient als bron voor dit artikel. De uitzending is terug te zien via de YouTube-clip van Café Weltschmerz met presentator Rypke Zeilstra. De uitspraken en kwalificaties in het fragment zijn voor rekening van Zeilmaker.

Oekraïne als toneel van moderne propaganda.

Het theatrale openingsmoment vormt geen geintje maar een inleiding tot zijn centrale thema’s: oorlog en geopolitiek worden al meer dan honderd jaar “verkocht” aan de massa via zorgvuldig ontworpen propagandatechnieken. Zijn verwijzingen gaan van de Eerste Wereldoorlog tot Irak, en van Bush tot Zelensky.

In zijn inleiding gebruikt Zeilmaker retorische provocatie als stijlmiddel. Zo spreekt hij over Oekraïne als een land dat “subsidie wil”, waar “miljarden aan wapenindustrie” kunnen worden verdiend en waar burgers in Nederland volgens hem via inflatie voor betalen. Ook benoemt hij het applausmoment in de Tweede Kamer voor de Oekraïense president, dat vlak voor kerst plaatsvond, waarbij parlementariërs staand klapten. Dit omschrijft hij als “het meest beschamende moment van het Nederlands parlement vlak voor het kerstfeest”, waarbij hij nadrukkelijk het christelijke vredesthema aanhaalt dat volgens hem wringt met het verlengen van een oorlog.

Wanneer Zeilmaker vervolgens in Oekraïense klanken parodieert hoe er “meer miljarden subsidie voor wapen­tuig” wordt gevraagd, is dat geen grap over taal maar de introductie van zijn centrale opvatting: oorlog wordt verkocht, oorlog wordt gecommuniceerd en oorlog wordt geframed, en dat proces is volgens hem precies het onderwerp van Bernays.

Van propaganda naar Bernays.

Hij beschrijft Edward Bernays als “de godfather van propaganda”, auteur van het boek Propaganda uit 1928, en een belangrijke figuur in de Creel Commission tijdens de Eerste Wereldoorlog. Bijna onmiddellijk trekt hij een lijn naar Walter Lippmann, de andere “vader” in dit veld.

Volgens Zeilmaker waren Bernays en Lippmann verantwoordelijk voor het verkopen van de Eerste Wereldoorlog aan het Amerikaanse publiek. Hij noemt dat de VS onder president Woodrow Wilson aanvankelijk tegen deelname aan de oorlog waren, mede vanwege een groot Duits-Amerikaans bevolkingsdeel en anti-oorlogsentimenten. Dat veranderde met Bernays’ beroemde slogan:

“Making the world safe for democracy.”=”De wereld veilig maken voor democratie.”

Toen Zeilmaker opnieuw refereert aan Zelensky gebruikt hij diezelfde slogan als parallel: oorlog die als morele missie wordt verkocht.

Opeenvolgende massa-sentimenten.

In het fragment wijst Zeilmaker erop dat Nederlanders in 2016 via referendum tegen een associatieverdrag met Oekraïne stemden en dat er volgens hem destijds geen breed draagvlak bestond. Hij contrasteert dat met het beeld van Oekraïne-vlaggen die volgens hem “plotseling overal” hingen, van Groningen tot Engeland, om het fenomeen te illustreren dat sentimenten kunnen kantelen via culturele en media-invloeden.

Het fenomeen wordt door hem breder ingevuld: hij noteert dat twee jaar later in Engeland de Oekraïense vlag was vervangen door de Palestijnse, wat volgens hem duidt op “inwisselbare sentimenten” die kunnen worden geprogrammeerd. Hij stelt die observatie vervolgens in het kader van propaganda-analyse.

Van oorlog naar binnenlandse thema’s.

De uitzending verbreedt daarna van internationale propaganda naar binnenlandse thema’s. Zeilmaker benoemt onder meer klimaatbeleid, stikstofbeleid en vervangingsmigratie. Zijn punt is daarbij steeds dat beleids­consensus niet noodzakelijk voortkomt uit rationeel debat maar uit wat Bernays “opinie-manufacturing” noemde.

Hij stelt dat “90% van de kamerleden gelooft dat je het klimaat afkoelt door meer belastingen te betalen.”

De centrale Bernays-these.

Wanneer hij eindelijk het boek zelf pakt, lijkt het alsof de theatrale opbouw bewust was ontworpen om het publiek in dezelfde staat van verwondering te brengen over massabeïnvloeding als Bernays zelf.

Hij citeert:

“The conscious and intelligent manipulation of the organized habits and opinions of the masses is an important element in democratic society.” = “De bewuste en intelligente manipulatie van de georganiseerde gewoonten en meningen van de massa is een belangrijk element in de democratische samenleving.”

Daarna:

“Those who manipulate this unseen mechanism of society constitute an invisible government, which is the true ruling power of our country.” = “Degenen die dit onzichtbare mechanisme van de samenleving manipuleren, vormen een onzichtbare regering, die de ware heersende macht van ons land is.”

En verder:

“We are governed, our minds molded, our tastes formed, our ideas suggested by men we have never heard of.”=”Wij worden bestuurd, onze geest wordt gevormd, onze smaak wordt gekneed en onze ideeën worden ons ingegeven door mannen van wie we nog nooit hebben gehoord.”

Voor Zeilmaker is dit geen samenzwering maar een vaststelling van Bernays: democratie functioneert niet zonder beïnvloeding. Het verschil tussen propaganda en manipulatie wordt door Bernays beschreven als een functioneel onderdeel van bestuurbaarheid.

Van Freud naar Nudging.

Vanaf dit punt gaat Zeilmaker dieper in op de psychologische componenten. Hij wijst erop dat Bernays neef was van Sigmund Freud en dat moderne gedrags­beïnvloeding nog steeds steunt op Freudiaanse inzichten, vooral het idee dat mensen niet handelen op ratio maar op verlangen.

Bernays stelde, volgens Zeilmaker, dat propaganda niet overtuigt met argumenten maar met identiteit, emotie, verlangen en status.

Daarna koppelt hij Bernays aan moderne “nudging units” binnen de overheid. Zeilmaker noemt dat sinds circa 2014 “behavioral insight teams” bestaan die beleidsdoelen via psychologische technieken implementeren. Hij linkt dat vervolgens aan het coronabeleid, aan influencers tijdens corona en aan wat hij beschrijft als “angst zaaien gevolgd door geruststellend leiderschap.”

*Nudging units = Subtiele prikkels, groot resultaat. Mensen maken duizenden keuzes per dag, vaak op de automatische piloot. Wij ontwerpen slimme ‘nudges’: kleine duwtjes in de juiste richting die gewenst gedrag stimuleren zonder vrijheid te beperken. Effectief, psychologisch onderbouwd en direct toepasbaar.

Groepsleiders en symbolische goederen.

Een opvallend segment in de uitzending gaat over mannelijke status­competitie. Zeilmaker gebruikt voorbeelden over auto’s om Freudiaanse onderlaag te illustreren: auto’s worden volgens hem eerder gekocht om status dan om nut.

Hij koppelt dat aan Bernays’ principe dat markten worden gevormd door onvervulde verlangens, verlangen naar succes, status en aantrekkingskracht. Bernays adviseerde daarom bedrijven om eerst groepsleiders te identificeren (“roedelleiders” noemt Zeilmaker dat) omdat die het aankoopgedrag van de massa bepalen.

Volgens Zeilmaker werd dit zichtbaar tijdens corona toen artiesten en presentatoren werden ingezet om beleid te steunen, en opnieuw bij klimaat­campagnes waar lokale “opinieleiders” volgens hem werden gerekruteerd om draagvlak te vergroten.

De kracht van woorden.

Daarna volgt een segment over signaalwoorden. Zeilmaker citeert Bernays’ voorbeeld van een militair hospitaal tijdens de Eerste Wereldoorlog dat kritiek kreeg omdat men “hospital” associeerde met langdurige zorg terwijl het in werkelijkheid ging om snelle evacuatie. Toen het woord werd gewijzigd naar “post” verdween de kritiek.

Hiermee illustreert hij Bernays’ these: taal vormt realiteit.

Historische casussen.

Zeilmaker noemt verder dat Bernays:

  • vrouwen aan het roken kreeg door sigaretten te framen als “freedom torches”. =vrijheid fakels.
  • artsen liet verklaren dat Lucky Strike minder irriterend was.
  • de CIA hielp bij het regime-change proces in Guatemala.
  • en dat later Bush opnieuw de slogan “making the world safe for democracy” gebruikte bij de Irakoorlog.

De rode draad: propaganda wordt niet primair gebruikt om producten te verkopen, maar oorlogen, regimes en beleidskeuzes.

Slotakkoord: van massa naar individu.

In het slot van de uitzending keert Zeilmaker terug naar het individu. Hij bespreekt lichaamstaal, stemtiming, autoriteit, kleding, groepsidentiteit en manieren om met “de overkant” te spreken, mensen die volgens hem leven binnen de mediapartij of “voorgeschreven werkelijkheid.” Tevens merkt hij op dat hij zelf volgens sommigen te snel spreekt, en dat langzamer spreken gezag uitstraalt.

Zijn eindopdracht aan het publiek is opvallend praktisch: lees boeken, bestudeer Bernays, begrijp propaganda, en wees je bewust van de mechanismen die je beïnvloeden.

Bronverwijzing en verantwoordelijkheid.

Alle termen, kwalificaties, beschrijvingen en citaten die in dit artikel aan Zeilmaker worden toegeschreven zijn uitgesproken door Zeilmaker in de genoemde uitzending en vallen onder zijn verantwoordelijkheid. Dit artikel onderschrijft, normaliseert of legitimeert geen van de uitgesproken beoordelingstermen, maar beschrijft feitelijk wat er in het fragment wordt gezegd.


Wie de uitzending uitkijkt, merkt dat Zeilmaker het niet gaat om gelijk krijgen maar om begrijpen: begrijpen hoe machtscentra niet strijden om wapens maar om overtuigingen, en hoe propaganda, volgens Bernays, het gereedschap is waarmee moderne democratie wordt bestuurd.■

Bron: YouTube-clip van Café Weltschmerz met presentator Rypke Zeilstra.

Cartoonachtige illustratie van Rypke Zeilmaker in legerkleding met het boek “Propaganda” van Edward Bernays, geflankeerd door symbolen van oorlog, media, geldstromen en Zelensky sprekend voor een parlement met Oekraïense vlaggen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *