Stel je voor: je loopt een supermarkt binnen om een pak melk te kopen. Terwijl je naar de koeling wandelt, hoor je ineens een bliep-geluid: toegang geweigerd. Niet omdat je geen geld hebt. Niet omdat je fout gekleed bent. Maar omdat een systeem, onzichtbaar, onpersoonlijk en onomstreden, heeft besloten dat je vandaag geen recht hebt op melk. Sciencefiction? Nog even. Want het is precies die wereld waar we razendsnel naartoe glijden, niet met tanks of soldaten, maar met QR-codes, digitale portemonnees en de vriendelijk verpakte belofte van “gemak”.
De EU werkt aan een digitale identiteit die in 2026 voor elke burger beschikbaar moet zijn. Officieel vrijwillig, maar wie de afgelopen jaren heeft opgelet weet: vrijwillig betekent in dit tijdperk vooral “je hóeft het niet te gebruiken… maar dan mag je niks meer.” Vraag het maar aan alle mensen die zonder QR-code geen café meer in mochten. Of aan de Britten die volgens premier Starmer straks pas mogen werken als ze hun digitale ID tonen.
Je hoeft niet paranoïde te zijn om hier vragen bij te stellen. Je hoeft alleen maar wakker te zijn. Want zeg nou eerlijk: sinds wanneer is vrijheid iets waarvoor je eerst toestemming moet vragen?
Een ID is geen ID meer.
We hebben allemaal al een identiteitsbewijs. Een paspoort, een rijbewijs, een kaartje in je portemonnee. Daarmee kun je bewijzen dat jij jij bent. Thats it.
Maar het nieuwe digitale ID gaat daar mijlenver overheen. Het is geen paspoort. Het is een digitale kloon van jouw hele leven. Biometrische gegevens. Medische geschiedenis. Financieel gedrag. Waar je bent geweest. Wat je hebt gekocht. Wat je online hebt geliket, gedeeld of genegeerd.
Er is geen limiet. Alles kan er straks in. En als het er eenmaal in zit, wordt het gekoppeld. En als het gekoppeld is, wordt het geautomatiseerd. En als het geautomatiseerd is, wordt het voorwaardelijk gemaakt.
“Toegang tot je bank? Alleen als je voldoet aan de voorwaarden.”
“Recht op reizen? Eerst even checken of je CO₂-budget het toelaat.”
“Sociale media? Sorry, jouw gedrag was de afgelopen maand ‘onwenselijk’.”
Wie denkt dat dit overdreven is, moet naar China kijken, niet om te lachen, maar om vooruit te kijken. En wie denkt dat Europa “zo ver niet zal gaan”, heeft niet opgelet tijdens lockdowns, persconferenties en noodwetten. Grenzen worden pas overschreden nadat ze zijn verlegd.
De poortjes staan al klaar.
Wat veel mensen niet begrijpen: het digitale ID wordt niet van de ene op de andere dag ingevoerd. Het sluipt naar binnen via poortjes.
- Leeftijdscontrole bij tankstations — ook als je 80 bent.
- Online content achter “verificatiesystemen” — voor de veiligheid, natuurlijk.
- Treinreizen alleen op naam, want zwartrijden moet worden voorkomen.
- Cashbetalingen afgebouwd, want criminelen gebruiken contant geld.
Iedere keer denk je: ach, het zal wel, ik heb toch niks te verbergen. Tot de dag komt dat je iets te verliezen hebt. Want privacy is niet “ik heb niets te verbergen”. Privacy is “jij hebt niets te zoeken in mijn leven.”
De digitale doodstraf.
In Engeland is het al hardop gezegd: wie geen digitaal ID neemt, mag niet meer werken.
Lees die zin nog eens.
Geen ID, geen werk, geen inkomen, geen eten.
Wat is dat anders dan een digitale doodstraf?
Politici noemen het “veiligheid”. Techbedrijven noemen het “efficiëntie”. Journalisten noemen het “modernisering”.
Maar laten we het beest bij de naam noemen.
Controle.
Niet alleen over wat we doen, maar ook over wat we denken. Want wie weet dat één verkeerde like je toegang tot je leven kan kosten, zal stoppen met liken. En uiteindelijk stoppen met denken.
Wat als we nee zeggen?
Gelukkig groeit het verzet. Niet met fakkels, maar met principe. Steeds meer mensen zeggen: ik wil wél gemak, maar geen ketting.
Daarom wordt er gewerkt aan een Verklaring van Digitale Grondrechten, een soort moderne Bill of Rights. Geen strijd tegen technologie. Geen nostalgisch verlangen naar vroeger. Maar een duidelijke grens:
“Technologie mag nooit gebruikt worden om mensen te dwingen. Punt.”
Een van de eerste voorstellen:
Ieder mens heeft het recht om volledig deel te nemen aan de samenleving zonder verplicht digitaal ID.
Klinkt vanzelfsprekend, toch? En toch is het precies dát waarvan we nu al zien dat het verdwijnt.
Vrijheid is geen app, vrijheid is een houding.
Deze verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij de politiek. Ook bij onszelf. Want eerlijk is eerlijk: wij hebben deze digitale kooi zelf mee opgebouwd. We klikten op “akkoord”, we leverden data in voor gemak, we kozen voor cloud in plaats van controle.
Maar het kan anders.
- Betaal contant waar het kan.
- Gebruik technologie die van jou is, niet van Big Tech.
- Spreek je uit als je een poortje ziet verschijnen.
Vrijheid verdwijnt niet door één grote vuistslag. Vrijheid verdwijnt door een duizend zachte duwtjes, en wij stappen mee.
Maar vrijheid kan ook terugkomen door duizend kleine weigeringen.
Niet agressief. Niet gewelddadig.
Gewoon: Nee.
Nee tegen het idee dat we toestemming nodig hebben om mens te zijn. Nee tegen het inleveren van rechten in ruil voor toegang. Nee tegen “vrijwillig” dat eigenlijk “verplicht” betekent.
De toekomst Is nog niet geschreven.
Er zijn twee toekomsten mogelijk.
In de ene worden wij beheerd door systemen die wij niet begrijpen en wetten die wij niet hebben geschreven.
In de andere gebruiken wij technologie, maar behouden wij zeggenschap.
Het verschil tussen die twee werelden is geen algoritme. Geen wet. Geen politicus.
Het verschil is één simpel menselijk woord.
Niet morgen. Niet als het te laat is. Niet als het systeem al op slot zit.
Maar nu.
Nee.
(En precies dáár begint vrijheid.)■
Bron: Zeg nee tegen het digitaal ID! | De Andere Tafel
