Terug naar de kern van de geneeskunde: een internationaal appel op vertrouwen, ethiek en soevereiniteit.

Kleurrijke illustratie van het internationale congres van het Artsen Collectief, waarin medische ethiek, vertrouwen, soevereiniteit, de eed van Hippocrates, informed consent, off-label behandeling, debat, censuur, globalisering en gezondheidszorg samenkomen in één symbolische scène.

Het begint met een gevoel dat zich moeilijk laat negeren. Een gevoel dat iets fundamenteels is verschoven in de manier waarop we naar gezondheid, zorg en verantwoordelijkheid kijken. Precies dat gevoel vormt de rode draad in de aftermovie van het internationale congres Back to the Future, dat op 25 en 26 oktober 2025 in Driebergen plaatsvond. De beelden en woorden, gedeeld via een YouTube-clip van Indepen, nemen de kijker mee langs gesprekken, lezingen en ontmoetingen waarin artsen, wetenschappers en andere zorgprofessionals teruggrijpen op de basis van hun vak: de eed van Hippocrates, professionele autonomie en het vertrouwen tussen arts en patiënt.

Het congres werd georganiseerd door het Artsen Collectief, een initiatief dat in 2020 ontstond vanuit zorgen over de proportionaliteit en subsidiariteit van de coronamaatregelen. Medici kwamen destijds samen omdat zij vreesden dat bepaalde maatregelen meer schade dan goed zouden doen. Uit die gedeelde zorg groeide een collectief dat zich sindsdien ontwikkelde tot een breed kennisnetwerk, waarin informatie uit wetenschappelijke literatuur wordt verzameld en gedeeld met nationale en internationale partners.

In de aftermovie vertellen verschillende sprekers hoe zij tijdens de coronaperiode tot kritische reflectie kwamen. Een medisch onderzoeker en arts beschrijft hoe hij zich bezighield met richtlijnen voor klinische praktijk en merkte dat, bij het uitbreken van COVID-19, het wetenschappelijke bewijs ontbrak voor een aantal aanbevolen interventies. Die constatering leidde tot een zoektocht naar manieren om mensen te ondersteunen bij het nemen van gezondheidsbeslissingen, los van belangen van de farmaceutische industrie. Het doel, zo wordt feitelijk uiteengezet, was het versterken van onafhankelijke besluitvorming over de eigen gezondheid.

Ook academische stemmen komen aan bod. Een hoogleraar klinische psychologie en statisticus spreekt over zijn analyse van maatschappelijke ontwikkelingen en beschrijft de opkomst van wat hij aanduidt als een technocratisch en autoritair systeem. Volgens zijn analyse brengt deze ontwikkeling het risico met zich mee dat het leven van mensen steeds sterker wordt gereguleerd en ingeperkt, ook binnen de gezondheidszorg. Deze visie wordt geplaatst in de context van bredere thema’s zoals digitalisering, centralisering van macht en internationale gezondheidsstructuren.

Een belangrijk deel van de gesprekken in de aftermovie gaat over medische behandelingen en de ruimte van artsen om op basis van hun professionele oordeel te handelen. Artsen vertellen hoe zij off-label medicatie voorschreven en daarvoor juridisch werden vervolgd. Eén van hen beschrijft hoe hij tien patiënten behandelde met een combinatie van bestaande middelen en dat deze patiënten herstelden, terwijl hij tegelijkertijd werd geconfronteerd met tuchtzaken en boetes wegens vermeende overtreding van de Geneesmiddelenwet. Daarbij wordt benadrukt dat off-label voorschrijven in Nederland een gangbare praktijk is binnen ziekenhuizen, mits patiënten goed worden geïnformeerd en instemmen.

De eed van Hippocrates keert steeds terug als moreel kompas. Sprekers leggen uit dat deze eed artsen verplicht om naar beste weten te handelen, patiënten goed voor te lichten en bovenal geen schade toe te brengen. In de aftermovie wordt gesteld dat deze principes onder druk zijn komen te staan door protocollen, regelgeving en externe belangen. Daarbij wordt ook verwezen naar passages uit de eed waarin artsen beloven zich te onthouden van druk, lobby of omkoperij die indruist tegen hun professionele geweten.

Naast individuele ervaringen wordt ook het grotere systeem besproken. Meerdere sprekers uiten zorgen over internationale regelgeving en de rol van instellingen zoals de Wereldgezondheidsorganisatie. Volgens hen bestaat het risico dat nationale besluitvorming wordt uitbesteed aan supranationale en deels private structuren, waardoor landen hun soevereiniteit verliezen op het gebied van gezondheidsbeleid. In dat licht wordt het belang van vrije informatie-uitwisseling en open debat benadrukt. Censuur van afwijkende geluiden, zo wordt feitelijk beschreven, belemmert volgens de sprekers een inhoudelijke wetenschappelijke discussie.

Het congres bracht deelnemers samen uit Nederland, de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, België en Canada. Die internationale samenstelling onderstreepte volgens de aftermovie dat de besproken vraagstukken niet nationaal beperkt zijn. Er wordt gesproken over wereldwijde netwerken van ethische zorgprofessionals, juristen en onafhankelijke media die sinds 2021 met elkaar samenwerken. Deze netwerken delen kennis over behandelingen, gezondheid en preventie, met als uitgangspunt decentralisatie en lokale autonomie.

Een ander terugkerend thema is het onderscheid tussen ziektebestrijding en gezondheidsbevordering. In meerdere bijdragen wordt gesteld dat de geneeskunde te sterk is gericht op symptoombestrijding en farmacotherapie, terwijl aandacht voor voeding, leefstijl, stress en tekorten aan essentiële stoffen onderbelicht blijft. Sprekers wijzen erop dat het menselijk lichaam een groot zelfherstellend vermogen heeft en dat gezondheid zowel een universele als een unieke, individuele component kent. Het principe dat één aanpak voor iedereen zou werken, wordt expliciet ter discussie gesteld.

De aftermovie laat ook zien dat het congres niet alleen een inhoudelijke, maar ook een verbindende functie had. Muziek, intermezzo’s en persoonlijke reflecties wisselen de lezingen af. De boodschap die daaruit naar voren komt, is dat wetenschap, ethiek en menselijkheid niet los van elkaar kunnen worden gezien. Meerdere sprekers benadrukken dat vertrouwen in de medische wetenschap alleen kan worden hersteld door transparantie, integriteit en het centraal stellen van de patiënt als individu, niet als categorie.

Aan het einde van de aftermovie klinkt een herhaald appel: iemand moet het doen, iemand moet het zeggen, iemand moet de vragen blijven stellen. Die woorden vatten samen wat tijdens het congres feitelijk werd uitgesproken: een oproep tot herwaardering van professionele autonomie, ethische principes en persoonlijke verantwoordelijkheid voor gezondheid. Niet als strijdkreet, maar als constatering dat deze thema’s volgens de aanwezigen essentieel zijn voor de toekomst van de zorg.

Zo eindigt de terugblik op Back to the Future niet met een conclusie, maar met een stille herbevestiging van een oud uitgangspunt: geneeskunde begint en eindigt bij de mens, en bij het vertrouwen dat zorgverleners en patiënten samen dragen.■

Bron: Aftermovie: Back to the Future – het internationale congres van het Artsen Collectief.

Kleurrijke illustratie van het internationale congres van het Artsen Collectief, waarin medische ethiek, vertrouwen, soevereiniteit, de eed van Hippocrates, informed consent, off-label behandeling, debat, censuur, globalisering en gezondheidszorg samenkomen in één symbolische scène.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *